Un Amour à Taire is ruwweg het verhaal over de deportatie van Franse homoseksuelen naar Duitse concentratiekampen tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Het verhaal begint in Parijs in 1942 waar Sara Morgenstein (Louise Monot) twee dagen eerder met haar familie is aangekomen op de vlucht voor de jodenvervolging in Vichy-Frankrijk, het zuidelijke deel van het land dat collaboreert met de nazi’s.
Maar de joodse familie heeft pech want de tussenpersoon die vader Morgenstein voor veel geld in de arm heeft genomen om een overtocht naar Engeland te regelen, blijkt een informant te zijn van de Duitse bezetter.
Alleen Sara weet te ontkomen. Haar familie wordt vermoord. Dus wendt ze zich tot de enige persoon die ze in Parijs kent, haar voormalige vakantievriendje Jean Lavandier (Jérémie Renier), zoon en gedoodverfde opvolger van een Parijse wasserijexploitant met Vichy-sympathieën.
Sara is nog altijd verliefd op Jean, maar die heeft sinds vele jaren een geheime relatie met Philippe Ledoux (Bruno Todeschini), een aantrekkelijke dertiger die in een drukkerij werkt en via die weg het verzet van vervalste documenten voorziet voor onderduikers en geplaagde joodse medeburgers.

Wanneer Sara de relatie van Jean en Philippe ontdekt is dat aanvankelijk een shock, maar tot een breuk komt het niet: een eerste jeugdliefde ban je niet zo maar uit je hart. Philippe bezorgt Sara veilige papieren. Ze heet nu Yvonne en is afkomstig uit de Elzas. Jean zorgt voor een baantje als wasvrouw in de stomerij van zijn vader.

Jeans jongere broer Jacques zit ondertussen een straf uit wegens een moord die hij niet heeft gepleegd. Volgens zijn vader is Jacques voor zijn gezondheid tijdelijk naar een sanatorium in de bergen, enfin, dat is wat hij het personeel vertelt en wat zonder tegenpruttelen wordt geslikt. Jacques is alles wat Jean niet is, Jacques is het zwarte schaap van de familie, dixit vader Lavandier wanneer zijn jongste thuiskomt en en die hij onverbloemd meedeelt dat hij de functie van loopjongen kan krijgen in de familiezaak en dat ook zal blijven als zijn broer Jean later de zaak overneemt. Jacques is gepikeerd, maar tegelijk verschaffen de leveringen van schoon wasgoed hem de mogelijkheid om de appartementen en huizen van gedeporteerde en verdwenen joden in kaart te brengen. Die informatie speelt hij door aan een kunst- en antiekheler tegen een vergoeding van 15 procent. Jacques heeft z'n duistere zaakjes opnieuw voor elkaar.

De ontdekking dat zijn oudere broer homo is, heeft een haast vernietigende uitwerking op Jacques en wanneer tegelijk zijn toenaderingspogingen tot Sara op niets uitdraaien wegens haar onverstoorbare adoratie voor Jean, wordt hij jaloers, raakt gefrustreerd en zint op een mogelijkheid om zijn broer een lesje te leren: met de hulp van één van zijn louche contacten bij het Vichy-gezinde politiekorps wil hij Jean voor een nachtje laten arresteren wegens zgn. verzetsactiviteiten. Wat een onschuldig verhoor en een formaliteit moet zijn, door Jacques betaald met een lange lijst joodse adressen, komt in een stroomversnelling terecht wanneer Jeans bezoek aan een homobar aan het licht komt en z’n vluchtige contact met een Duitse officier die inmiddels zelfmoord heeft gepleegd om te ontsnappen aan de kampen. Jean wordt aan de Duitsers uitgeleverd en mishandeld. Jacques verzet hemel en aarde om wat scheef is weer recht te maken, maar zelfs met massa’s nieuwe adressen zijn z'n mannetjes bij de politie niet te overtuigen. Als joden- en homohaters pur sang vinden ze het een goeie zaak dat Frankrijk net zoals Duitsland gezuiverd wordt van alles wat niet-arisch is.

Jean wordt op transport gezet naar een doorgangskamp in Duitsland en wanneer hij weigert te veranderen, komt hij op een trein richting Dachau terecht waar men via medische experimenten homo's van hun afwijking probeert te genezen.

Regisseur Christian Faure maakte Un Amour à Taire voor de Franse televisie. Het kostte zijn productieteam veel tijd en moeite om de film financieel rond te krijgen, want in Frankrijk – waar de harde Vichy-wetten tegen homo's tot in 1981 gehandhaafd bleven – zat niemand op een film over het lot van de Frans homoseksuelen tijdens de bezetting en de Vichy-collaboratietijd te wachten. De film is uiteindelijk compleet in Bulgarije gedraaid, terwijl het verhaal zich toch grotendeels in Parijs afspeelt. Faure situeert bijgevolg de handelingen grotendeels in de wasserij van de Lavandiers en op het appartement van Philippe waardoor hij genoeg heeft aan een paar typische straatbeelden, interieurs en kostuums uit de tijd om de sfeer van Parijs tijdens de oorlog op te roepen. Die combineert hij met anonieme politiekantoren en in de buitenopnamen kiest hij voor fietsuitstapjes van zijn hoofdpersonages naar het platteland op zoek naar vers voedsel of gewoon om te ontsnappen aan de drukte van de bezette stad. Met beperkte middelen reconstrueert hij de treinperrons waar de jodentransporten vertrekken en aankomen. Zijn rijen menselijk leed zijn korter dan die van Steven Spielberg in Schindler's List, maar daarom niet minder veelzeggend en pakkend, met dezelfde verwoestende visuele kracht: we hebben het allemaal al zo vaak gezien in de laatste decennia en toch blijven de beelden op het netvlies plakken en door het hoofd spoken.

Un Amour à Taire wordt aan de man/vrouw gebracht als een homofilm, maar eigenlijk is deze productie veel meer dan een nichefilm voor een nichepubliek:

de film is geïnspireerd op Moi, Pierre Seel, Déporté Homosexuel, het boek dat de Fransman Pierre Seel in 1994 liet verschijnen over zijn ervaringen in Duitse kampen.
Het biedt een realistisch beeld van de vervolging van Europese homo's tijdens het nazi-regime.

Volgens critici is Un Amour à Taire historisch niet helemaal correct, maar dat is een kritiek die niets afdoet aan de goede bedoelingen van de makers: Christian Faure ruimt plaats in voor romantiek en menselijke warmte en ontwikkelt een sterk en evenwichtig scenario met overtuigende hoofdpersonages om een aangrijpend en indringend verhaal te vertellen over eeuwige trouw, oneindige vriendschap, onbegrijpelijk verraad en beklemmend menselijk leed.

Verwacht vooral geen spectaculaire mooifilmerij met adembenemende camerastandpunten of een indrukwekkende kadrering, daar is het de makers niet om te doen.
Hun verhaal heeft meer directe bedoelingen zonder dat de zorg om pakkende en beklijvende ensceneringen uit het oog wordt verloren. Bovendien is de homorelatie tussen Jean en Philippe belangrijk, maar Christian Faure kiest voor een zachte benadering zonder suggestieve seksscènes of overdreven veel naakt.

De homorelatie is op elk moment ondergeschikt aan de algemene context, net zoals de lotsbestemming van Sara en haar joodse lotgenoten voldoende wordt aangekaart, maar nooit het hoofdthema wordt. Daarover zijn andere en uitstekende films gemaakt.

Faure richt zijn camera op Jean en dan op zijn broer Jacques die verantwoordelijk is voor het leed waarin ook Sara en Philippe meegezogen worden. Jacques is Faure's Judas met Jean als een gekruisigde Christusfiguur tijdens de folteringen van de nazi's.

De scènes zijn soms heel gewelddadig en brutaal en bij momenten net iets over de top, maar Un Amour à Taire is van begin tot einde een film met lichte en donkere toetsen, met zachte en harde confrontaties die niemand onberoerd zullen laten. Houd de Kleenex-tissues bij de hand, suggereerde een internetter als commentaar bij de film, maar daar is niets mis mee, want de werkelijkheid heeft z'n prijs en die is in dit geval zeker niet van puur sentimentele aard, integendeel: het verhaal over het lot van homoseksuelen in Duitse kampen is net zo aangrijpend en afschuwwekkend als dat over de joden, de zigeuners, de tweelingen, de politieke gevangenen en al die andere kleine vergeten groepen die de hysterie en de gekte op dezelfde manier met hun leven hebben betaald.

Niet één groep heeft het alleenrecht op die waarheid, dat hebben ze allemaal.

BEELD EN GELUID
De transfer van Un Amour à Taire is zo goed als perfect: geen ongerechtigheden, geen digitale vervorming en geen edge enhancement. Het kleurenpalet is rijk en verzadigd met een perfect zwart-wit contrast. Faure schrikt er niet voor terug om de perronscènes in prachtige en heldere kleuren te wikkelen, in volle zonlicht, minder luguber en mysterieus dan de grauwe nachtelijke geheimdoenerij van de nazi's in Schindler's List, maar daarom niet minder verontrustend en dreigend van sfeer, alsof ze niets te verbergen hadden want hun macht was totaal.
De terugkeerscene van de slachtoffers van de kampen op het perron in Parijs wordt ondergedompeld in een wolk van uitwaaierende witte stoom, een bijna vredig en bevrijdend tafereel, maar we zien ook de kale hoofden, de uitgemergelde gezichten, de spookachtige uitdrukking in de lege ogen. Het is bitter en zoet tegelijk, een procedé dat Faure vaker in deze film hanteert om op het gemoed te werken.

De geluidsband staat in een stereoversie, meer heeft televisie (nog) niet nodig. Het is een beetje jammer, want de herrie op de perrons en de brutale werkkampscènes hadden er beslist hun voordeel mee gedaan. Spookachtig en hallucinant is vooral de koormuziek uit Wagner’s Tannhauser in de scène in de steengroeve waar Jean tevergeefs een medegevangene probeert te redden uit de handen van zijn beulen. Het is een shockerende en tegelijk hartverscheurend tafereel dat niettemin gebaseerd is op ware feiten.

CONCLUSIE
Un Amour à Taire is een eerbetoon aan duizenden Fransen die hun leven lieten in de Duitse concentratiekampen tijdens WO II, toevallig zijn het in dit geval homoseksuelen.
Het is het verhaal over twee verliefde jongens, een joods meisje op de dool en een jongere broer die voor één dag god wil spelen en daardoor het leven van alle betrokken – inclusief het zijne – op het spel zet.
Het scenario is gelaagd en veelzijdig met grappige, aandoenlijke en intimistische, maar evenzeer gewelddadige en brutale scènes. Onze Franstalige landgenoot Jérémie Renier (L'Enfant) levert een spectaculaire prestatie, net zoals die andere Franstalige Belg Nicolas Gob die voornamelijk een carrière als tv-filmacteur heeft opgebouwd. Voorts een sterke Louise Monot als Sara/Yvonne en een interessante Bruno Todeschini (Son Frère) als Philippe. Wonderful! Powerful! Beautifully directed!, schreef de Britse krant The Independent over deze vele malen bekroonde en gelauwerde film en daarmee is uw dienaar het helemaal eens.

Alleen jammer dat we 60 jaar op deze film hebben moeten wachten.

Bron : http://www.dvdinfo.be/bespreking.php?id=3874

Paragraaf 175 werd in 1871 geïntroduceerd in het wetboek; in de jaren '90 van de negentiende eeuw probeerden seksuele hervormers het artikel met de hulp van August Bebel (links) af te schaffen, maar een petitie met dit doel werd in 1898 verworpen door de Rijksdag.

In 1929 besloot een parlementaire commissie met steun van de Communistische partij en de Duitse Democratische Partij het wetsartikel af te schaffen, maar de opkomst van het nationaal-socialisme verhinderde dat de paragraaf ook daadwerkelijk geschrapt werd.

In 1935 werd het artikel uitgebreid door de nazi's, zodat rechters ook straffen konden opleggen voor homoseksuele handelingen zonder daadwerkelijk fysiek contact, zoals naast elkaar masturberen.

In dat jaar steeg het aantal veroordelingen naar 8000, terwijl er in het voorgaande jaar slechts 10 waren geweest. De Gestapo kreeg de macht om mannen die verdacht werden van homoseksualiteit naar concentratiekampen te deporteren, zelfs wanneer de verdachten al veroordeeld waren door een rechtbank of hun straf al hadden uitgezeten. Tussen de 5000 en 15.000 mannen werden naar concentratiekampen afgevoerd, waar ze als identificatiemiddel een roze driehoek opgespeld kregen. De meerderheid van hen stierf in gevangenschap.

Na de overwinning van de Geallieerden op Nazi-Duitsland in 1945 werden de mannen die onder paragraaf 175 veroordeeld waren en binnen de Duitse grenzen zaten niet bevrijd, maar gedwongen om de aan hen vóór de oorlog opgelegde straffen uit te zitten.

De DDR verwijderde in 1950 alle nazi-wijzigingen aan het artikel uit haar wetboek, maar in West-Duitsland werden tussen 1945 en 1969 100.000 mannen verdacht van homoseksuele handelingen zoals die gedefinieerd werden in het wetsartikel van de nationaal-socialisten, en 50.000 van hen werden veroordeeld; velen van deze laatste groep pleegden zelfmoord.

In 1969 verzachtte de BRD paragraaf 175 naar een leeftijdsgrens van 21 jaar; de grens werd bijgesteld naar 18 in 1973, en uiteindelijk werd de gehele paragraaf in 1994 afgeschaft.

Het Nazi-tijdperk.
In 1933 was Adolf Hitler met zijn nationaal-socialistische partij gekozen als leden van de Rijksdag. Paragraaf 175 werd in 1935 gewijzigd zodat de maximale gevangenisstraf die op overtreding ervan stond verhoogd werd van zes maanden tot vijf jaar. Ook werd de specificatie "tegennatuurlijk" ("widernatürlich") verwijderd, waardoor de sinds 1794 bestaande interpretatie dat het artikel alleen betrekking had op anale seks uitgebreid werd naar vrijwel iedere handeling die als homoseksueel gezien kon worden.
Door deze wijziging werd het nu een misdrijf om een handeling te begaan als die een algemeen gevoel van schaamte opriep of wanneer men bewezen achtte dat het doel van de handeling was om één van de twee mannen of een derde persoon seksueel op te winden.

De nazi's voerden ook de in 1925 geplande paragraaf 297 in als paragraaf 175a. Deze verbood prostitutie door mannen, seksuele relaties tussen werknemers en werkgevers, en homoseksuele relaties met mannen jonger dan 21 jaar. Het deel dat de "onnatuurlijke ontucht met beesten" verbood werd verplaatst naar artikel 175b.

De officiële verklaring die de overheid gaf voor deze verscherping was dat homoseksualiteit de moraal van het Duitse volk ondermijnde, en dat het anders "epidemieachtige vormen" aan zou nemen.
Onder het nieuwe artikel werden jaarlijks 8000 mannen veroordeeld, een vertienvoudiging. De helft van de verdachten werd opgepakt na onderzoek door de politie, de overige vijftig procent na aangifte door derden, zoals buren of werkgevers.

De Gestapo had - in tegenstelling tot de gewone politie - de bevoegdheid om burgers die verdacht werden van homoseksualiteit te arresteren zonder een aanklacht in te dienen, zelfs nadat de verdachten in kwestie al waren vrijgesproken door een rechtbank.
Dit lot viel vele mannen ten deel, die na hun straf te hebben uitgezeten werden doorgestuurd naar een concentratiekamp om verdere overtredingen te voorkomen.

Men schat dat zo'n 10.000 mannen op die manier werden gedeporteerd; van hen overleefde ongeveer veertig procent de oorlog.

Bron : http://nl.wikipedia.org/wiki/Paragraaf_175

27 mei 2008. In Berlijn is een gedenkteken onthuld voor door de nazi's vervolgde homoseksuelen. Het staat tegenover het Holocaustmonument tussen de Potzdamer Platz en de Brandenburger Tor en is uitgevoerd in dezelfde kleur beton.

Het ontwerp, een dichte rechthoek met een klein kijkgat, is van het in Berlijn werkende Scandinavische architectenpaar Ingar Dragset en Michael Elmgreen.
Wie naar binnen kijkt, krijgt een filmpje te zien van twee mannen die elkaar kussen.

België. Één groot vraagteken. Er is ooit de intentie geweest om dit stukje geschiedenis, zoals in onze buurlanden, historisch te onderzoeken. Maar . . .daar is het dan ook bij gebleven, een intentie.

terug