Tijdens de opkomst van het nationaalsocialisme in Duitsland, vormden de “Swing Jugend” een soort van oppositionele subcultuur. Zij luisteren naar verboden Anglo-Amerikaanse swing muziek, "Entartete Musik" (Ontaarde Muziek). Deze jongeren, zonderden zich van bv de Hitlerjugend af, door hun kleding, hun muziek, en hun open houding t.o.v. het buitenland.

Door hun afwijkende gedrag waren ze een echte tegenpool van de volkse en rassische denkbeelden van het nationaalsocialisme.
Omdat hun ouders voornamelijk uit hogere kringen kwamen, die vaak kontakten hadden met buitenlanders, werd hun levensstijl als het ware met de paplepel ingegoten.

Nadat Hitler aan de macht kwam, werden deze trendy jongeren vervolgd door de HJ en de GESTAPO. Ze konden kiezen, of aan het front dienen, of het concentratiekamp in.

De swing-kids waren gek op jazz en swing, omdat deze muziek voor hun, met haar elementaire ritmes, de vrijheid symboliseerde. Zij hadden ook hun eigen mode. De meisjes droegen (toen heel ongebruikelijk) broeken, de jongens droegen, bij regen en zonneschijn, altijd een paraplu bij zich en het haar tot op de kraag van hun overhemd. Mede door deze uiterlijkheden, was het voor de Nazi’s gemakkelijk, om ze op te pakken.

Die Swing-Jugend

Uit protest tegen de naziecensuur en het verplichte lidmaatschap voor de jeugd aan de enige en officiële jeugdbeweging van nazi-Duitsland, ontstaan vele jongerenbewegingen die zich afzetten tegen de naziedoctrine en de Hitlerjugend. Onder de bekendste jongeren protestverenigingen behoren naast Die Weiße Rose en de Edelweißpiraten de erg flamboyante Hamburgse Swingjugend.

In de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw, maakte de jazz- en swingmuziek, die vooral door zwarten werd uitgevonden en beoefend, een enorme opgang in de Verenigde Staten van Amerika. Het duurde niet lang vooraleer deze muziek naar Europa overwaaide en ook in Duitsland - en dan vooral bij de jeugd- furore kende.

Tegelijkertijd nam in Duitsland ook het protest tegen deze zgn 'neger-jazz' (Nigger-Jazz) toe.

De Duitsers propageerden dat ze graag met andere landen wilden samenwerken omtrent kunst- en cultuuruitwisseling. "Maar uitgezonderd", zoals het NSDAP- partijblad de Völkische Beobachter in oktober 1935 kapittelde, "dat wat ontaard is en de grondlaag van onze cultuur verstoort, dat zullen wij verwerpen."

Nadat in het oerconservatieve Duitsland van de jaren dertig, al in 1930 een eerste verbod op de Jazzmuziek van kracht werd, zal enkele maanden na de machtsovername van Adolf Hitler en de NSDAP op 30 januari 1933, deze "Nigger-Jazz' uit alle jeugdherbergen worden verband en op gevaar van vervolging, effectief worden verboden. In 1935 kondigde de directeur van de Duitse nationale omroep via de radio een definitief verbod af op Neger-Jazz (Verbot des Nigger-Jazz).

Toch blijft deze muziek in het geheim verder beluisterd en aanbeden. Eind 1939 ontstaat er in Hamburg een jongerencultuur die zich afzette tegen de Hitlerjugend: de Swing-Jugend en Swing musik. Op haar eigen opstandige wijze revolteerde de jeugdige oppositie jegens de naziecensuur die enkel marsmuziek en liederen zoals het Horst Wessellied tolereerden. Zij wilden zich vooral afzetten tegenover de geüniformeerde Hitlerjugend en dat deden ze door hun manier van kleden, hun muzikale voorkeur en hun algemene houding.

Zij kochten en lazen buitenlandse kranten, luisterden naar Anglo-Amerikaanse muziek en maakten zo hun oppositie duidelijk tegen de volksracistische voorstelling van het nationaalsocialisme. De Swingjugend kwamen hoofdzakelijk voort uit de beter begoede klassen, van waaruit ze gemakkelijker kontakten met het buitenland konden onderhouden. Maar hun levensstijl en muzikale voorkeuren zouden ook tot op het platteland doordringen en haar volgelingen vinden.

Swingmusik, Lindy Hop en de Jitterbug

De muziek, die in de jaren 20 en 30 furore maakte in de Verenigde Staten van Amerika, was de Jazzmuziek, en was daar al een tijdje erg populaire dans-, gezelligheids- en concertmuziek vooraleer die naar Duitsland overwaaide. Die muziek fascineerde, door haar spontaniteit en elementair ritme alsmede de vrijheid om voortdurend te improviseren, de jeugd van Duitsland die zich niet graag in het autoritaire regime wilde laten vastketenen.

Voor hen verkreeg de jazz, en in het bijzonder de swing, een hoge symboolwaarde, mede doordat vele van de uitvoerders van de Swingmuziek, van afro-Amerikaanse of joodse origine waren, kapittelde men de jazz-muziek al gauw tot het "Strijdmiddel van het Jodendom en het Amerikanisme".

Het was de tijd van Cab Calloway, Duke Ellington, Count Basie en Benny Goodman. In het geheim werden er feesten en party’s gehouden en werd er de Jitterbug gedanst. Dat was een buitengewoon spectaculaire en erg acrobatische dans op de tonen van de jazz en de swing.

Deze dansvorm werkte zo afschrikwekkend in op de nationaalsocialisten, voor wie enkel het woord en het gebod van de Hitlerjugend volgelingen golden, dat zij deze dansen als het bewijs van geestesziekte of primitiviteit ("hysterische negers") aanzagen.

De levensvreugde en uitgelatenheid die door het Swingdansen werd uitgedrukt, weerlegde de nationaalsocialistische voorstelling, dat aan het gehoorzame volk de voor zich zelfsprekende gedisciplineerde danspassen verwachtte en de preutse moraal die elke jeugdige seksuele toespelingen verbood.

De strenge scheiding der geslachten, die door het nationaalsocialisme werd aangemoedigd, werden door de Swingjugend openlijk gecontesteerd en zowat alle conventionele stramienen van die tijd over boord geSwingt. Soms dansten twee meisjes met één jongen, jongens met jongens of twee jongens met één meisje, wat voor de nationaalsocialisten het toppunt van morele en seksuele ontaarding en decadentie betekende. Uiteraard provoceerden de Swingjugend de geldende moraalwetten van de nazi's, en dat was ook een deel van hun spel waar velen hun dagelijkse kick uitputten.

Lindy hop is een Afro-Amerikaanse dans die ontstond in New York City in de late jaren twintig en vroege jaren dertig. Het was een samensmelting van vele verschillende dansen, maar voornamelijk gebaseerd op jazzdans, tapdansen en charleston. De ontwikkeling van lindy hop ging samen op met de ontwikkeling van jazz. Om die reden wordt de term Swing zowel voor deze dansstijl gebruikt als voor de jazzstijl waarop wordt gedanst. Er werd bijvoorbeeld in de grote danszalen van Harlem, de Savoy ballroom en de Cotton-club gedanst op de muziek van onder andere Louis Armstrong en Ella Fitzgerald.
In lindy hop wordt solo- en partnerdansen gecombineerd en de dans bevat zowel veel improvisatie als meer formele elementen, vergelijkbaar met de muziek waarop wordt gedanst. De basis swing out bevat bestaat deels uit een stuk gesloten danshouding, waarbij man en vrouw samen dansen (iets dat in Afrikaanse dansen gewoonlijk niet was toegestaan) en uit een stuk open danshouding waarin voor beide dansers ruimte is voor improvisatie.
Toen Charles Lindbergh in 1927 voor het eerst solo non-stop de Atlantische Oceaan overvloog, van New York naar Parijs, kopten de kranten: Lucky Lindy hops Atlantic. Hieruit zou de naam lindy hop zijn ontstaan.
Toen de dans door de blanke bevolking overgenomen werd stond deze bekend als de jitterbug, en stond aan de wortels van de Rock-'n-Roll en Boogiewoogie.

Kledij

De Swingjugend hadden een zeer opvallende garderobe om zich goed te onderscheiden van de Hitlerjugend. Met de kledij ging ook een bepaalde lichaamshouding gepaard en een typische manier om zich voort te bewegen. Zij liepen licht voorover gebogen en met kleine, 'swingende' stappen. Ook lieten vele 'Swingboys' hun haren over hun hemdskragen tot in hun nek groeien.

Zij kleedden zich met lange zwierige jassen met groot geruit patroon in fijne flanellen stof. Daarbij een opvallende kravat die met de kleinst mogelijke knoop om de hals werd gelegd, en op hun hoofd hun bekende hoofddeksel: de bolhoed of de zogenaamde Bowler-Hat. Een ander opvallend kenmerk was, dat zij altijd een regenscherm bij zich hadden. Of het nu regende of de zon scheen, dat was van geen belang want gebruiken deden zij die regenschermen toch maar zelden.

Ook de meisjes droegen hoeden, waarvan de gladde randen prachtig waren uitgewerkt. Onder de hoeden droegen zij hun lange wervelende haren. Ook kleedden zij zich graag met lange zwierige jassen of een mantelpakje uit grijze flanellen stof. Daarnaast droegen zij dure schoenen en vooral die met Kreppzolen waren zeer geliefd. Vele van deze meisjes droegen een gevouwen rokje, hoge zijden kousen of blauwwollen kniekousen met beige schoenen.

Zij schminkten zich graag èn overdadig en hielden vooral van felle paars-roze (zyklamfarben) lippenstift van het merk Kasana. Daar de jongens ook bij mooi weer een regenscherm bij zich hadden en de meisjes (voor die tijd mannelijke) broeken droegen, en aldus makkelijk herkenbaar waren, kwam het regelmatig voor dat zij door een patrouille van de Hitlerjugend of de Politie werden aangehouden en opgesloten.

De Swingjugend had ook haar eigen specifieke jargon. Hun Duitse voornamen werden verbasterd naar Engelsklinkende voornamen en bijnamen. Populaire bijnamen waren bv. "Eton-Jackie", "Tommy", "Lord", "Fiddlin` Joe", "Hot-Geyer", "Old Kluge", "Hot King", "Hot Ibsen", "Roy" en "Fats".
De meisjes heetten niet meer Fräulein Schneider of Fräulein Meier, maar Blackie, Teddy, Micky of Coca. Op straat spraken ze elkaar aan met "Hallo Big", "Old-hot-Boy" (ook "Hot-old-Boy") of "Swing-Boy", de meisjes met "Swing-Girl", "Jazzkatze", "Swing-Puppe" of "Swing-Baby".

Opmerkelijk was de wijze van begroeting wanneer Swingjugendleden elkaar tegenkwamen op geheime party’s of op straat. "Swing high - Swing low", "Badideldadu". "Swing Heil!", "Swing Hot!" of Heil Hotler, naar analogie van de typische Hitlergroet "Sieg Heil!" of "Heil Hitler!" van de Hitlerjugend.

Vervolging en Repressie

Repressie kon niet lang meer uitblijven en de Swingjugend was ook vrij gemakkelijk herkenbaar en op te pakken. Hun jamsessies en swingfeesten waren maar nauwelijks te verbergen.

Begin 1940 werden in een Hamburgs hotel 408 Swingjongeren opgepakt tijdens een van hun 'sessies'. Achteraf bleek, tot grote verbazing van de Gestapo, dat van de 63 'ringleiders' van de Swingjugend er 15 lid waren van de Hitlerjugend en de Bund Deutscher Mädel (BDM), 21 waren uit de Hitlerjugend gegooid en 27 waren nooit lid geweest van geen enkele jeugdorganisatie.
Niet lang daarna werden er in mei van datzelfde jaar in Dresden 1.715 jongeren opgepakt voor het 'verstoren van de openbare orde' met hun swingmuziek. Daarvan bleek meer dan de helft lid te zijn van de Hitlerjugend.

Günther Discher, een voormalig lid van de Swingjugend in Hamburg: "Ik werd toen gevraagd, waarom ik niet bij de Hitlerjugend was, en toen heb ik gezegd: 'Ik ben geen lid omdat ik een vrij mens wil zijn.' En door deze zin ben ik in het concentratiekamp terechtgekomen."

Op 18 augustus 1941 werd in Berlijn een verordenung afgekondigd omtrent de Swingjugend. "Englische, amerikanische und jüdische Musikschallplatten.... einer Sofort-Aktion zuzustimmen.... Würdelosigkeit ... musikalischen Exzesse"..., waren de teneurs.

In 1942 beval Reichsführer Heinrich Himmler dat er hard moest opgetreden worden tegen de Hamburgse Swingjugend:

"Alle ringleiders, mannelijk en vrouwelijk, en leraren die afwijkend denken en de Swingjugend steunen, moeten naar concentratiekampen gestuurd worden.
Daar moeten ze allereerst afgeranseld worden en dan oefeningen doen en tot zwaar werk gedwongen worden.
Het moet hen duidelijk gemaakt worden dat ze nooit meer kunnen studeren.
Hun ouders moeten onderzocht worden om te bepalen of ze hun kinderen steunen.

Zo ja, dan moeten ook zij in concentratiekampen opgesloten worden en hun eigendommen moeten geconfisceerd worden. Alleen als we dit probleem met harde hand aanpakken, kunnen we verhinderen dat deze gevaarlijke anglofiele tendens zich verspreid."

Uiteraard hebben deze beatniks-van-hun-tijd niet kunnen stand houden tegenover de overmacht van de Hitlerjugend. Hun party's werden verklikt en hardhandig uit elkaar geknuppeld door de Hitlerjugend en de SA (Sturmabteilung).

Hun balzalen inclusief de ganse inboedel werden stelselmatig grondig vernield tijdens goed voorbereide razzia’s. Vele honderden Swing Kids werden omgebracht, anderen werden vervroegd als kanonnenvoer naar de frontlinies gezonden of brachten hun oorlogsjaren door in de concentratiekampen van de nazi's.

Vanuit de achtergrond en via de jazzmuziek zullen de Duitsers in de laatste oorlogsjaren terug in contact komen met de internationale gemeenschap, en de Swingmuziek en -dans zal een felle heropleving doormaken in Duitsland en in de naoorlogse bezettingsjaren wanneer de Amerikaanse geallieerden nog voor vele jaren de ruines van het vernietigde Derde Rijk bezet houden.

Echo's uit het verleden . . . Toots Thielemans

Eind jaren zeventig maakte ik in Antwerpen een schokkende ervaring mee die onwillekeurig herinneringen oproept naar de cultuurcensuur van de jaren dertig/veertig tijdens het Derde Rijk. Op zondag 23 april 1978 woonde ik in het Antwerpse Sportpaleis het Vlaams Nationaal Zangfeest bij. Dat is een jaarlijks weerkerend Vlaams zangspektakel dat door de vzw Algemeen Nederlands Zangverbond (ANZ) al sinds 1949 in het Sportpaleis wordt georganiseerd.

In de editie van 1978 stond deze keer onder meer de nationaal en internationaal befaamde Brusselse jazzmusicus Toots Thielemans op het programma. Toots zal het zich zijn hele leven lang blijven heugen.

Toen Toots de eerste jazz-tonen aanhief, stormden plotseling enkele vlaams-nationalisten het podium op, en verscheurden de partituren van Toots Thielemans. Een deel van het publiek was even perplex geslagen maar op het podium en ook in de zaal van het ANZ klonk het "Geen negermuziek op ons Zangfeest!". Onder een deel van het Vlaams publiek klonk spontaan luid gejuich en applaus op.

Onbegrijpelijk en onaanvaardbaar! De muziek van Thielemans behoort ruim een halve eeuw na de naziecensuur, blijkbaar voor een steeds groeiend gedeelte van het Vlaamse publiek nog immer tot de "Entartete Musik" (Ontaarde Muziek). Datzelfde haatpubliek van Vlaams-nationalisten dat zich sinds eind jaren zeventig terugvind in het Vlaams Blok-Vlaams Belang.

En dan te bedenken dat Toots Thielemans met de grootste muzikanten heeft gemusiceerd zoals bv Duke Ellington, Miles Davis, Dizzie Gillespie en ja ook met Count Basie één van de idolen van de Swingjugend. Daarnaast deed Toots ook nog veel studiowerk met Paul Simon, Elton John, Sting, Paul McCartney en vele anderen. Ik herinner me dit voorval nog zeer goed, want het toeval wilde dat ik de dag nadien 's avonds in de Koningin Elisabethzaal te Antwerpen, een concert bijwoonde van diezelfde Toots Thielemans o.l.v. de Nederlandse dirigent Rogier Van Otterloo. Op het podium verhaalde hij aan zijn publiek, nog steeds zichtbaar aangeslagen, over dit onbegrijpelijk incident.

De toeschouwers sprongen spontaan op uit hun dure zitjes en brachten een minutenlange staande ovatie voor deze bijzondere en fijnbesnaarde kunstenaar. Toots die absoluut een monument is in de jazz-muziek, hier in België en in de rest van de wereld. Na afloop van het concert van Toots wist ik het wel zeker: ik zou nooit meer aan een Vlaams Nationaal Zangfeest deelnemen!

"Niet de geschiedenis, maar de mens herhaalt zich steeds." (F. Voltaire 1694 - 1778)

Bron : http://www.verzet.org

Hamburgse Swing Jeugend in Nazi-kampen

Omdat Hamburg als het centrum van Swingjugend werd beschouwd, gingen Gestapo, de politie, en andere regeringsorganisaties daar met speciale wreedheid te werk.

Vele ' Swing jongens' en ' Swing meisjes ' ondergingen verscheidende ondervragingen, martelingen, en werden door de Gestapo opgesloten. Dit bracht velen ertoe om zelfmoord te plegen.

Heinrich Himmler schreef op 26 januari 1942 een order om de Swing leiders op te pakken en op te sluiten in concentratiekampen voor een termijn van 2 tot 3 jaar.

Tussen de veertig en zeventig van de Hamburgse Swingjeugd werden daarop gedeporteerd naar verschillende nazi-kampen.

Jongeren onder de 18 jaar werden over het algemeen opgesloten in een Jugendschutzlager (jeugd beschermingskamp, heropvoedingskamp) om zich tegen zichzelf te beschermen tegen de slechte invloed van de jazz muziek De jongens werden naar het kamp Moringen afgevoerd, de meisjes naar het kamp van Uckermark, gesitueerd nabij Ravensbrück.

Na maart 1942, werden de volwassen en joodse Swing aanhangers gedeporteerd naar Theresienstadt of naar de concentratiekampen van Bergen-Belsen, Buchenwald, Harzungen, Dora-Mittelbau, Neuengamme, Ravensbrück, Sachenhausen of Auschwitz.

De Swing meisjes werden in 1942 apart opgesloten in de Uckermark jeugdgevangenis en stonden voordurend onder druk en intimidatie van de SS.

Omdat de Swing jongens onder de categorie vielen van “politiek oppositie gevangenen” werden zij samen in één barak opgesloten. Dit betekende dat zij elkaar wederzijds konden steunen. Samen, zongen zij in het geheim populaire Swingtitels als 'Jeepers, Creepers,' 'Caravan,' 'Some Of These Days,' 'The Flat Foot Floogie,' 'Sweet Sue, Just You,' or 'Goody Goody.'

foto: Ghetto Swingers Therersienstadt, privéarchief van Coco Schumann, in november 1989 zal hij nog samen optreden met Toots Thielemans.

Net als hun medegevangenen moesten zij alle dagen als dwangarbeiders werken in een munitiefabriek. Maar omdat deze fabriek niet onder het toezicht stond van de SS konden zij collectief tijdens de weinige pauzes hun passie voor Jazz muziek vrij uiten. p>Günter Discher herinnert zich nog hoe zij de uitvoeringen van een big band imiteerden: “de zoutmijnen waar wij werkten hadden echt een mooie akoestiek.

Één van ons speelde drum met stokjes op de houten munitiedozen. We improviseerden op allerlei zaken, soms klonk het verschrikkelijk. Op de één of andere manier, waren wij met succes door onze zogenaamde “ontbijtpauze” doorgekomen. Het was een soort overlevingsstrategie”.

Veel gevaarlijker was het illegaal beluisteren van verboden radioprogramma's in SS kantine. Door dergelijke acties konden de Swing jongens hun identiteit behouden, maar konden ook door hun oppositionele houding zich onderscheiden van de rest gevangenen.

De medegevangen, volgens Discher, wisten niet wat aanvangen met Swing muziek. Wij Swingers werden daardoor snel arrogant en hadden weinig contact met hen.

Dit was in schril contrast met de Halburgse Swing meisjes in het concentratiekamp van Ravensbrück, speciaal met hun medegevangenen. Zij zaten vast met andere vrouwelijk politieke gevangenen in de zelfde barak

Tot deze groep behoorde de gezusters Jutta en Inga Madlung die verschillende jazz liedjes ter hore brachten na de gedane dwangarbeid of als de lichten van de barak uitgingen. In een interview herinnerd Jutta Madlung zich:

“zij vonden het geweldig en waren gelukkig telkens wij zongen “’In the Mood’ of ’Bei mir bist du schön’ of ’A Tisket, a Tasket’ of eender liedje maar. Maar we moesten voorzorgen nemen dat het niet per ongeluk werd ontdekt door onze bewakers die Jazz haten. S’ nachts als de lichten waren gedoofd waren we speciaal voorzichtig, we dekten de ramen af met onze dekens en dan pas werd er gezongen”.

Herbert Schemmel (1914-2003), werd geïnterneerd in het concentratiekamp Neuengamme toen hij 26 jaar oud was. Hij kwam van Sachsenhausen waar hij al sinds 30 juni 1940 was opgesloten, hij woog 39 kilo en was 1,72 m groot.
Schemmel vertelt over een gewaagde onderneming. Nadat zijn aangeslagen privé collectie speelplaten werd overgedragen aan zijn ouders, stuurde een vriend deze naar hem in het kamp. Dit was mogelijk omdat de SS na het midden van 1942 concessies maakte tegenover het groeiend aantal dwangarbeiders. De gevangenen werd toegelaten om kamporkesten op te richten en mochten voedselpakketten ontvangen.

Schemmel nam het risico om speelplaten naar hem te laten opsturen, dit was mogelijk omdat hij een hoge positie als kampschrijver binnen de zogenaamde gevangenen overheid bekleedde, die door de bevelhebbers van het kamp werden benoemd. “Daarom had ik mijn draagbare platenspeler, samen met ongeveer honderd speelplaten naar mij laten opsturen – Engelse en Amerikaanse Jazzplaten. Ze geraakte in het kamp maar ik heb ze nooit ontvangen.

Schitli [Wilhelm Schitli, hoofd van het gevangenenkamp] riep mij bij zich en verklaarde dat er reeds iets in mijn dossiers stond over connecties met Engelse industriële cirkels. De speelplaten werden daarom aangeslagen en zouden worden opgeslagen met mijn andere bezittingen.

Dit gebeurde dan ook. Een SS-man controleerde de speelplaten, volgens hun staatsgevaarlijk, en gebruikte de platenspeler voor feestjes in zijn eigen woning”.

In de verwarring tijdens de laatste oorlogsmaanden slaagde Herbert Schemmel er eindelijk in (januari 1945) om zijn eigendommen uit de opslagruimte buiten te smokkelen, en terug zijn favoriete muziek te spelen.

Dat hij uiteindelijk zijn speelplaten wist terug te stelen verteld veel over de overtuiging waarmee de Swing jeugd bezield was. Het nazi regime kreeg nooit de volledige controle over deze beweging en velen bleven hun muziek, zelfs in de kampen van het derde rijk, trouw.

Vijf jaar was Schemmel „kampschrijver in Neuengamme. Dit wil zeggen dat hij 50.000 maal de namen van de doden heeft geregistreerd die omkamen in Neuengamme en de buitenkampen door zware dwangarbeid, uithongering, vriesdood, besmettelijke ziekten, vergassing, dood geschoten of opgehangen.
Dagelijks heeft hij de levenden en de doden geteld, die op áppel in rijen stonden of lagen. Dodelijke nauwkeurige bureaucratie.

Juist door deze extreme situatie, versterkte de muziek hun overtuiging en vormde een vorm van intellectuele weerstand, versterkt door de jaren van vervolging voor hun banden met de jazzmuziek.
Nochtans hun gewaagde activiteiten mag men niet vergeten dat vele Swing jongeren stierven door de armzalige, inhumane condities tijdens hun gevangenschap.

Günter Discher ° 1925.

In januari 1943 werd hij als één van de leiders van de Swing jeugd gedeporteerd naar het jongerenkamp Moringen.

Als hij in zijn jeugd de eerste Swing langspeelplaten van de grote artiesten uit Amerika hoort, zoals van Duke Ellington, Artie Shaw, Louis Armstrong is hij en zijn vrienden daardoor begeesterd.

Maar de nationaalsocialistische “ RijksKultuurkamer ” bestempelde Swing al snel als ontaarde muziek en on-Duits. Na het begin van de oorlog werd de muziek zelf als “vijandelijk” gezien en dan ook verboden.

Ieder die naar Swing muziek luisterde maakte zich strafbaar, hij of zij en hun vrienden werden door de Gestapo in het oog gehouden en vervolgt.

De speelplaten verdwenen uit de rekken van de muziekwinkels. Toch vond Günter Discher de nu zeldzame geworden platen via een bevriende soldaat gestationeerd in Denemarken. Met Duitsland vergeleken bestond daar nog een paradijs aan Swing muziek.

De soldaat stuurde de begeerde platen naar Duitsland met de vermelding “Heerespost” (legerpost) en konden zo, zonder dat de post werd geopend door de douane de grens passeren.

Günter Discher leverde aan clubs en bekenden in Hamburg – St. Pauli. Die periode was zijn verzameling al een 400 tal Schellack-platen groot.

In 1942 werd hij bij de Gestapo aangegeven en gevangengenomen. Hij verbleef tot het einde van de oorlog (8 mei 1945) in het jongerenconcentratiekamp Moringen, omdat hij “ door zijn desintegrerende en staatschadelijk handelen onrust onder de bevolking” bracht. Hij overleefd het kamp.

Günter Discher leeft nu in Hamburg en staat bekend als de relevante Swing-expert. Hij bezit ongeveer 10.000 cd’s en 25.000 Lp ’s.

Bij het Label Ceraton heeft hij een eigen CD-Editie. Voor de “Günter Discher Edition” werden vele bekende maar ook onbekende en zeldzame stukken uit zijn grote verzameling klank gerestaureerd en terug uitgegeven.

Er zijn daaronder getuigenissen en interviews die het verhaal brengen over verschillende kunstenaars en artiesten. Deze getuigenissen worden gebracht bij herdenkingen en aan muziek universiteiten.

bron: www.die-unwertigen.de/press

Hij is ook de oudste DJ van Duitsland. Hij speelt Swing en Jazz-muziek, en werkt soms samen met Jane Swinging Swanee.

http://www.swinginswanee.de/

In 2000 werd hij door de Senaat van de Vrije en Hanzestad Hamburg onderscheiden met de Biermann-Ratjen Medaille voor zijn artistieke bijdrage aan de stad.

Sinds mei 2006, biedt Günter Discher op zijn website met "Hotkoffer" een eigen podcast aan met Swing uit de jaren '30 en '40.

Concentratiekamp Moringen
(Duitsland - Nedersaksen - Moringen)

KZ Moringen behoort tot één van de eerste concentratiekampen opgericht door Nazi-Duitsland. In het kamp werden achtereenvolgens mannen,vrouwen en kinderen opgesloten.

In de periode 1933 tot 1945 kent KZ Moringen verschillende functies:

Mannen-concentratiekamp Moringen. (April 1933 t/m november 1933)

Er werden hier ongeveer 1.000 communisten vast gehouden. De SS-bewakers behandelden hen wreed. In juni kwamen de gevangenen in hongerstaking, maar dit liep op niets uit. De mannelijke gevangenen werden in oktober en november overgeplaatst naar andere concentratiekampen in de buurt.

Vrouwen-concentratiekamp Moringen. (Oktober 1933 t/m maart 1938)

De 1.350 vrouwen die hier werden vast gehouden waren voornamelijk leden van arbeidersverenigingen, prostituees, jehova getuigen en remigranten (de permanente terugkeer van geëmigreerde mensen naar het geboorteland). In maart 1938 werden de vrouwelijke gevangenen in 3 grote transporten naar het concentratiekamp te Lichtenberg overgebracht. Veel van hen zouden uiteindelijk in Ravensbrück terecht komen.

Jongens-concentratiekamp Moringen. (Juni 1940 t/m april 1945)

De gedetineerden van dit kamp waren allen tussen de 12 en 22 jaar oud. De gevangenen werden naar biologische kenmerken en karakter verdeeld in blokken. Vanaf 1941 werd er op de kinderen experimenten uitgevoerd. Op 9 april 1945 werd Moringen bevrijd. Minstens 56 gevangenen hebben het kamp niet overleefd.

Het kamp tegenwoordig:

Sinds 1993 bevind zich in het complex een documentatiecentrum met de naam: Lagergemeinschaft und Gedenkstätte KZ Moringen eV. Veel van de oorspronkelijke gebouwen zijn gesloopt en hebben moeten wijken voor nieuwbouw.

terug