Lancaster stort neer te Sint-Katelijne-Waver - 24/25 april 1944

Dit monument gelegen aan de Borgersteinhoeve werd opgericht door het 8 Mei Comité regio Mechelen in samenwerking met het gemeentebestuur van Sint-Katelijne-Waver, en precies 60 jaar na de crash ingehuldigd in aanwezigheid van afgevaardigden van de toenmalige geallieerde luchtmacht en familieleden van de bemanning.

Cor en Wiske Brosens-Van Beek stelden de grond voor het monument ter beschikking.
De herdenking voor de bemanningsleden die sneuvelden voor onze vrijheid werd bijzonder gesteund door burgemeester Eddy Vercammen en zijn gemeentebestuur.

Het laatste belangrijk strategisch offensief van het Britse Bomber Command tegen Nazi-Duitsland, voor de landing in Normandië, staat bekend als de "Slag om Berlijn". Deze campagne eindigde, in de nacht van 30 maart 1944, met de rampzalige raid op Neurenberg waarbij 95 van de 795 ingezette vliegtuigen verloren gingen en 77 anderen zwaar beschadigd werden.

Daarop volgde een ingrijpende wijze waarop de luchtoorlog verder zou gevoerd worden. De ervaringen opgedaan had immers gewezen op het voordeel dat gehaald kon worden uit een gelijktijdige aanval op twee of meer doelen. Zo voorkwam men een te grote concentratie van de Duitse nachtjacht en werd bijgevolg haar aanvalskracht gebroken.
Met het oog op de naderende invasie werd bovendien het strategisch offensief tijdelijk stop gezet om alle aandacht te besteden aan tactische doelstellingen, het vernietigen van spoorweg- en verkeersknooppunten in België, Nazi-Duitsland en Noord-Frankrijk. In overeenstemming met deze vernieuwde zienswijze besloot Bomber Command in de nacht van 24 op 25 april twee voorname verkeersknooppunten tegelijkertijd aan te vallen: Karlsruhe en München waarheen respectievelijk 637 en 260 vliegtuigen werden gezonden.

Pilot Officer Robert CAGIENARD, piloot-gezagvoerder, en zijn bemanning zouden aan de raid naar Karlsruhe deelnemen aan boord van de Lancaster bommenwerper Mk II, DS734, KO-Y. Voor de bemanning is het haar achtste bombardementsmissie.

Lancaster A4-K2 serial no LL693 was one of 450 Lancasters ordered from Vickers Armstrong aircraft in April 1942, built as a Mk2 with Hercules XVI engines. It was delivered to 115 Squadron in Witchford in late February 1944.

Om 21u.51 wordt Witchford (Cambridgeshire) verlaten, de basis van waarop het 115de Squadron sedert november 1943 opereert. Traag en moeizaam klimmen de zwaar geladen machines in de richting van Reading, 60 km ten oosten het centrum van Londen gelegen, het verzamelpunt van de bommenwerpers. Behalve 1 brisantbom van 500 kg vervoerd DS734 nog brandbommen : 108 van 30 pond en 1.053 van vier pond, alles samen goed voor een vernielende lading van meer dan vier ton.

Zoals de "Loss Card" van het toestel het vermeldt, loopt de geplande vliegroute zuidwestwaarts om boven Beachy Head de Engelse kustlijn te dwarsen. Ter hoogte van Le Touquet-Paris-Plage zou het bezette luchtruim ingevlogen worden om in rechte lijn het volgende keerpunt te bereiken nabij Chimay (provincie Henegouwen). Daar richting naar het zuidoosten om 150 km verder, na de Franse Ardennen te hebben overvlogen, Vitry-le-Franchoy te bereiken.
Na een laatste richtingswijziging, pal naar het oosten, hoorde de bommenwerpersstroom dwars over Lotharingen en Elzas te vliegen.
Wanneer de Frans-Duitse grens overschreden wordt, is men nog 25 km van het doel. Op de meer dan 900 km lange heenreis hoeven er dus slechts 25 boven Duitsland gevlogen te worden, waar, in geval van pech, niet op de hulp of op de sympathie van de bevolking kan gerekend worden, integendeel.
Als het vrijwel zeker is dat de aanvliegroute volgens plan werd gevolgd, is dit zeker niet het geval geweest met de terugweg, deze was voorzien ten zuiden van de aanvliegroute. De crashlokalisaties van de toestellen die op de terugweg werden neergeschoten bewijzen dat de geplande koers niet werd gevolgd.

6 toestellen die van Karlsruhe weerkeren worden boven de noordelijke Belgische provincies neergehaald. We moeten dus wel aannemen dat, na hun vernietigende taak boven de Duitse stad te hebben uitgevoerd, de bommenwerpers de voorgeschreven koers wijzigden en over België huiswaarts vlogen.

Inmiddels worden alle bewegingen van de geallieerde luchtvloot nauwlettend door de Duitse Freya en Würzburg-Rieze radars gevolgd.

Al deze gegevens zoals hoogte, snelheid en vliegrichting worden naar de Flakstellingen en de nachtjachtbasissen overgeseind. Zo ook worden de nachtjagers van het IV/NJG 1 van Sint-Truiden onder deze radarcontrole naar hun prooien geleid. Oberleutnant Heinz-Wolfgang SCHNAUFER, radaroperateur Leutnant Fritz RUMPELHARDT en zijn boordschutter Oberfeldwebel Willi GÄENSLER hebben aan boord van een Messerschmitt Bf-IIO G-4 Brustem verlaten en worden door het grondstation van Nieuwkerke naar het oosten geleid.

Om 2u.03 wordt bij Alken een eerste Lancaster, die ook tot het 115e squadron behoort, neergehaald. Nauwelijks 20 minuten later wordt de Lancaster van Pilot Officer CAGIENARD aangevallen. Om 2u28, op 3 km ten noorden van Mechelen op een hoogte van 5.800m ontlaadt de nachtjager zijn kanonnen op de Lancaster.

"Brennende Absturz nach 1 Angriff' noteert later RUMPELHARDT in het logboek van zijn bevelvoerder. Het is diens 33ste luchtzege, voor Schnaufer zijn 55ste.

Heinz Schnaufer

"Het "Nachtspook van Sint-Truiden" Met zijn bemanning : Fritz Rumpelhardt, Heinz Schnaufer en Wilhelm Gänsler.

Alle drie overleefden zij de oorlog. Schnaufer overleed in 1950 na een auto ongeluk nabij het Zwitserse Biarritz.

Ooggetuigenverslag.
In die tijd woonden we op de Frans Halvest. Die bewuste nacht werden we uit onze slaap gewekt door het oorverdovend, gierend gehuil van een brandend vliegtuig dat, snel hoogte verliezend, boven de huizenblokken van de Jan Bol- en de Caputsteenstraat in oostelijke richting vloog om kort daarop neer te storten.
's Anderendaags werd er op uitgetrokken om te achterhalen waar het gevaarte gevallen was. Het lag tussen de Hoeveweg, een veldweg die evenwijdig loopt met de Borgesteinlei, toen nog Kerkhoflei genaamd, en de Vrouwvliet, die in die tijd de grens vormde tussen Mechelen en Sint-Katelijne-Waver.

Het vliegtuig, of wat er van overbleef, kregen we niet te zien. Gans het gebied tussen de vliet en de Kerkhoflei was door Duitsers ontoegankelijk gemaakt.
Verderop, in de richting van de Berkenlei stond een groepje mensen aandachtig en stil naar iets te staren. Daar, achter een rij van zes identieke huizen die nu nog bestaan, in een tuinserre, lag het ontzielde lichaam van een Britse vliegenier.
Zijn half ontvouwde valscherm lag op het ijzeren geraamte dat door zijn val, verwrongen en stuk was. Mij is vooral het beeld bijgebleven van het smetteloze, lichtbeige vliegerspak van de dode Engelsman, een beeld dat sterk contrasteerde met de grauwe soldatenjas van de Duitser die daar de wacht hield. Naam getuige onbekend.

Dhr. Van der Auwera uit Bonheiden was pas gehuwd en werkweigeraar. Tijdens de dag verborg hij zich bij zijn schoonouders, het echtpaar Van den Bosch Verrept, dat op de Berkenlei een landbouwbedrijf uitbaatte.
Die dinsdagmorgen was hij bij het krieken van de dag al op weg naar zijn schoonouders. Hij was de eerste die de Engelsman zag liggen in de serre waar hij daags te voren tomaten had gepot.
De slag moet zeer hevig geweest zijn vermits de vliegenier, na door de serre te zijn gevallen, met zijn zitvlak op een bloempot terecht kwam en een holte van minstens dertig centimeter diep in de grond drukte. De andere werden dood aangetroffen in de grachten die de Borgersteinhoeve omringden.
Er werd ook gefluisterd dat er valschermspringers achter de hoge muren van het Sint-Jozefseminarie terechtgekomen waren en dat die Engelsen, met behulp van de parochiale geestelijkheid op een ontsnappingsroute zouden gezet zijn. Maar het bleef bij geruchten.

Bron : Roger & Georges LECOMTE. april 1994 - Uit brochure - Mechelen stad in oorlog.

In de loop van die nacht werden nog 9 Lancaster en 8 Halifax toestellen naar beneden gehaald. Twee daarvan staan ook op het actief van SCHNAUFER "the Night Ghost of St-Trond" zoals zijn Britse tegenstrevers hem noemden.

F/S Fredrick FOSTER, 20 jaar, navigator, P/O Joseph - Murdock MacLEOD, 23 jaar, bommenwerper, P/O Albert-Clayton LETCHER (°1925 - hij paste zijn geboortejaar aan om bij de luchtmacht aanvaard te worden, hij moest nog 19 jaar worden) en de Noord- Ierse Sgt Charles - Philip KELLY, 20 jaar, boordmekanieker, werden door het Duitse Bergungskommando begraven op de binnenplaats van het Fort III aangelegd militair kerkhof te Borsbeek.
Fort III ligt in het verlengde van de startbaan van het Deurnse vliegveld, aan de overzijde van de Krijgsbaan en was niet toegankelijk voor de burgerbevolking. Zo vermeed de Duitse bezetter dat ongewenste eerbewijzen aan de geallieerde vliegeniers zouden gebracht worden. In december 1945 werden al de daar begraven Britse vliegeniers naar het Schoonselhof overgebracht.

P/O Robert-Roland CAGIENARD, 24 jaar, Sgt William SHORTEN, radiotelegrafist, Sgt Frank Desmond KING, boordschutter, 19 jaar, werden op het kerkhof van St-Libertus aan de Kerkhoflei begraven. Volgens getuigen zouden ze alle drie schromelijk verminkt geweest zijn.
11 juni 1946 werden zij naar het Schoonselhof overgebracht waar zij in een gemeenschappelijk graf rusten.

Brief van het luchtvaartministerie aan de weduwe van William Shorten.

Geachte Mevr. Shorten,

Op de 2de maart, 1945 schreef het Ministerie van de luchtvaart aan u dat door het verloop van de tijd het ongelukkig nodig was te veronderstellen dat Sergeant W. Shorten zijn leven had verloren op 25 april 1944.

Sinds deze datum heeft de afdeling van onze organisatie werkende in België geprobeerd de begraafplaats van Sergeant Shorten terug te vinden. Hun rapport hebben we nu ontvangen en ik zal u alles mededelen wat zij hebben kunnen terugvinden.

Het vliegtuig stortte neer in een water te Sint-Katelijne-Waver een plaats ongeveer 3 km. Noord van Mechelen, België, het zonk een aanzienlijke diepte. De Duitsers begonnen te pompen op de 28ste april 1944, op deze dag borgen ze één lichaam. Op 3 mei werd een ander lichaam gevonden en op 9 mei nog eens twee lichamen. De Duitsers deelde de lokale bevolking dat zij van plan waren te stoppen met pompen al dachten zij dat er nog één lichaam in het water zou bevinden. Op een latere datum werd de locatie overdekt en het nu onmogelijk om verdere onderzoeken van de crashplaats te ondernemen.

Op 25 april 1944 vond juffrouw Kennis een lichaam van een dode vliegenier in een klein water langzijde haar huis, maar zij heeft hem niet geïdentificeerd. Het lichaam werd weggehaald door de Duitsers. Op dezelfde dag ontdekte Mijnheer Opdebeeck nog een lichaam. Hij werd niet door Mijnheer Opdebeeck geïdentificeerd en de Duitsers hebben het snel verwijderd.

Het officiële Duitse rapport van de crash is teruggevonden met daarin de begraafkaarten van sergeant Kelly, sergeant Foster, sergeant Mcleod en sergeant Letcher. De kaarten bevestigen dat sergeant Kelly, en sergeant Foster werden begraven op 26 april 1944. Sergeant Mcleod en sergeant Letcher op 3 mei 1945, deze 4 vliegeniers werden begraven op het kerkhof van Antwerpen Deurne.

Het is evident dat volgens de datums sergeant Kelly en sergeant Foster werden gevonden door Juffrouw Kennis en Dhr. Opdebeeck. Sergeant McLeod en sergeant Letcher werden uit het water gehaald op 28 april en 3 mei 1944.

Het is niet geweten en onmogelijk te achterhalen wat er gebeurd is met de 2 lichamen die de Duitsers vonden op 9 mei.

Ongeveer een week na het pompen hebben de Duitsers aan de grafdelver van St.-Katelijke-Waver stoffelijke resten die uit het vliegtuig kwamen overhandigt. Er was geen mogelijkheid tot identificatie en werden begraven.

Regelingen zullen ondernomen worden om de stoffelijke resten van deze persoon of personen over te brengen naar het Antwerpen—Deurne kerkhof om herbegraven te worden lang de graven van sergeant Kelly, sergeant Foster, sergeant McLeod and sergeant Letcher. Dit graf zal geregistreerd en gegraveerd worden met de namen van sergeant Shorten, piloot officier Cagienard en sergeant King.

De officier belast met het dossier heeft een diepgaand onderzoek ingesteld in het district om de mogelijkheid na te gaan om er iemand van de crash is kunnen ontsnappen. Niemand kon ook maar enige informatie verstrekken, we kunnen veronderstellen op basis van de gekregen inlichtingen dat zij allen hun leven lieten op hun laatste missie.

Mag ik u mijn diepste medeleven betuigen in uw groot verlies en het gemaakte verdriet waarvan ik bang ben dat deze brief met zich meebrengt.
Met hoogachting,

Mevr. Shorten kreeg bericht op 9 november 1946 dat haar gevallen echtgenoot was herbegraven op het Antwerpse Schoonselhof in een gemeenschappelijk graf met piloot officier Cagienard en sergeant King.

Robert cagienard

Pilot Officer Robert-Roland CAGIENARD - Ilford, Essex - UK

piloot gezagsvoerder, 24 jaar, verloofd in Canada.

Eretekens: Defence Medal and ribbon, War Medal 1939-1945 and ribbon, Air Crew Europe Star and ribbon, 1939-1945 Star and ribbon.

Zijn broers Cecil en Alan diende ook bij RAF. Foto via familie Cagienard

Frederick Albert Foster

Flight Sergeant Frederick Albert FOSTER - Thornton Heath, Surrey – UK.

Navigator, 20 jaar, vrijgezel.

Foto via familie Foster

Joseph-Murdock MacLeod

Pilot Officer Joseph-Murdock MacLEOD - Capreol, Ontario - Canada

Bommenwerper, 23 jaar, vrijgezel

1 zuster, Audrey, 2 broers. James was een tweelingbroer en ook actief bij de RCAF.

Zijn vliegtuig werd op dezelfde nacht neergeschoten, gevangengenomen en naar Stalag Luft III te Sagan, Silezië (het huidige Polen) gezonden. Bij de terugtrekking van de Duitse legers voor de oprukkende Russen nam hij deel aan de dodenmars. Hij overleed op 31 december 2005. Foto via familie MacLeod

William Shorten

Sergeant William SHORTEN - Bradford, Yorkshire, UK.

Radiotelegrafist, 27/28 jaar, gehuwd, een dochter van 3 jaar oud, Jean en een zoon van 2 jaar.

Foto via familie Shorten

Albert Letcher

Pilot Officer Albert-Clayton LETCHER - Vancouver, British Columbia, Canada

boordschutter, gehuwd met June in 1942, 1 dochter geboren 30 juni 1943. 1 broer Gordon.

Hij loog over zijn ouderdom en was 19 jaar.

June stierf op 36 jarige ouderdom.

Oorspronkelijk begraven op het "American Cemetery" te Neuville-en-Condroz onder de naam ALLENDER. Als werd vastgesteld dat om de Canadees LETCHER ging, werd hij op 06 juni 1946 naar Schoondelhof overgebracht.

Foto via familie Letcher

Desmond King

Sergeant Frank Desmond KING - Tenterden, Kent - UK

boordschutter, 19 jaar, vrijgezel. Bakkersgast.

Twee broers Derek en Ronald.

Foto via familie King

Charles Philip Kelly

Sergeant Charles Philip KELLY - Cregagh, Belfast – Noord-Ierland

boordmekanieker, 20 jaar, vrijgezel

Foto via familie Kelly

Specials thanks to Ken Switzer for his research.

terug naar startpagina